artikel

Bedrijven moeten meer samenwerken

Business

De Europese maakindustrie is nog lang niet overtuigd van alle benefits die de huidige technologische ontwikkelingen kunnen bieden. Intern wordt vernieuwd, maar ketenbreed is het nog steeds pover. Volgens Oracle laat de maakindustrie daarmee kansen liggen en vergroten zij daarmee de kans dat ze links en rechts worden ingehaald door de concurrentie.

Bedrijven moeten meer samenwerken

Tekst Herman Kleintjes

De maakindustrie in Europa maakt nog steeds geen gebruik van de basisprincipes van Industrie 4.0, zoals onderlinge operabiliteit, transparantie en decentralisatie, om dichter bij klanten, leveranciers en distributeurs te komen. Dit blijkt uit een uitgebreid onderzoek dat Oracle dit jaar liet uitvoeren door het Britse researchinstituut Coleman Parkes. Het Britse bedrijf interviewde 700 CXO’s, managers, Heads of Strategy en Supply Chain-managers van productiebedrijven in het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Duitsland, Nederland, Zwitserland, China en de Verenigde Arabische Emiraten. De geïnterviewden zijn werkzaam bij organisaties met 250 werknemers of meer in de sectoren automotive, hightech, textiel, Fast Moving Consuming Goods (FMCG) en de farmaceutische industrie.

Uit het onderzoek blijkt dat slechts een derde van de ondervraagden Industrie 4.0-technologieën heeft ingezet in de volle breedte van hun waardeketen. Slechts veertig procent heeft een open uitwisseling van data met leveranciers en distributeurs. Voor beslissingsprocessen heeft minder dan de helft klantdata geïntegreerd en heeft slechts 45 procent leverancier- en distributeurdata geïntegreerd.

Groot risico

Peter Fleischmann, Sr. Sales Director Digital Finance & Supply Chain, Country Applications Leader en Industrie 4.0 deskundige, vindt de meest in het oog springende conclusie die uit het onderzoek kan worden getrokken de terughoudendheid binnen de maakindustrie. Fleischmann: ‘De term 4.0 is natuurlijk een mooie ‘buzz’ term geworden, maar het is niet van vorig jaar. Al vanaf 2011 hebben we het al over Industrie 4.0. Nu zijn we echter zo’n zeven jaar verder en leven we in een heel andere wereld dan toen. De snelheid van verandering gaat veel sneller. De mogelijkheden zijn inmiddels immens en ik denk dat het in razend tempo door zal gaan. En als je dat in ogenschouw neemt en vergelijkt met hoe conservatief het wordt opgepakt in Nederland en in grote delen van Europa, zie ik een groot risico voor de maakindustrie. Want ik weet zeker dat er elders in de wereld heel anders tegenaan wordt gekeken. In bijvoorbeeld het Verre Oosten of Brazilië laten ze zich niet weerhouden door het vasthouden aan het oude en de processen waaraan ze gewend zijn. Daar pakken ze de mogelijkheden die nieuwe technologieën bieden veel sneller op. Het aanwenden van de huidige technologie voor verdere integratie van data vanuit de gehele keten, van leveranciers tot klant, gaat nog steeds tergend langzaam.’

Intern versus extern

Wat Fleischmann om zich heen ziet gebeuren en wat ook uit het onderzoek naar voren komt, is dat bedrijven te veel intern aan het digitaliseren zijn maar externe kansen nog laten liggen. ‘Wat je binnen je eigen bedrijf doet heb je onder controle. Heel veel van de moderne technologieën maken het echter mogelijk om je eigen bedrijf te ontstijgen en in een netwerk te gaan opereren. Maar dat betekent samenwerken en informatie delen. Daar zijn bedrijven nog steeds huiverig voor. De blockchain-technologie wordt een grote toekomst voorspeld omdat het een heleboel diensten, kosten en instanties overbodig gaat maken. De bedrijven kunnen door de gehele keten heen een veel efficiëntere flow gaan creëren. Maar als er gezocht wordt naar toepassingen daarvoor vinden bedrijven het heel moeilijk om dat in een keten te organiseren of zelf met informatie naar buiten te treden. Tot nu toe had een bedrijf een monopoliepositie als het ging over bepaalde informatie. De vraag voor veel bedrijven is: Waar staat het bedrijf na informatiedeling, is informatie delen niet riskant? Juist de kennis in eigen huis zien velen als een meerwaarde naar de klanten toe.’

Over je eigen schaduw springen wordt dus een hele belangrijke stap in de komende jaren. Maar de vraag is: Wie doet het als eerste? Je ziet nu dat de twijfel en onzekerheid onder ondernemers een snelle ontwikkeling van de integratie van Industrie 4.0 remt en in sommige gevallen geheel tegenhoudt. Maar Fleischmann is ervan overtuigd dat diegene die hun kennis gaan delen en daardoor een snellere levering en beter product creëren dat meer is toegespitst is op de klant, het op den duur gaan winnen. ‘De winnaars zullen zeker niet diegene zijn die boven op hun informatie blijven zitten.’

Startups

Volgens Fleischmann is het een interessant fenomeen om te zien dat we zoveel aandacht besteden aan startups en maar zo weinig aandacht aan de maakindustrie. ‘De maakindustrie is eigenlijk de grote klant van veel startups. Het is dus raar dat we zo weinig aandacht besteden aan de maakindustrie zodat die ook optimaal kan presteren door nieuwe technologieën te gebruiken. De kracht van de meeste startups is juist het geloof in de Cloud. Deze nieuwe technologiebedrijven zien in dat juist de Cloud de mogelijkheden biedt voor snellere processen. Bij de maakindustrie is koudwatervrees voor de Cloud nog steeds een probleem, al zie ik wel dat het minder wordt. Maar het is een factor waar we absoluut rekening mee moeten houden. Het is niet alleen vrees voor niet weten waar je data is, wie ernaar kijkt en wie erbij kan, maar vooral ook de vraag: Wordt er geen misbruik gemaakt van mijn informatie? Daar ligt een grote taak voor de softwareleveranciers. En dat pakt de software-industrie niet licht op. Het is hun business en er gaat heel veel geld naar het veilig en up-to-date houden van de software. De software-industrie kan dat goedkoper en veiliger aanbieden dan dat een bedrijf naar interne oplossingen gaat zoeken. Maar hoe overtuig je de maakindustrie daarvan? Dat is een langzaam proces, maar ik denk dat de komende tien jaar meer dan vijftig procent van de maakindustrie Industrie 4.0 enabled zal zijn. Ik voorzie absoluut de komende tien jaar nog een verschil tussen durvers en achterblijvers, maar in principe zal de maakindustrie in Nederland en geheel West-Europa wel moeten. Anders worden we voorbijgestreefd door economisch opkomende landen die Industrie 4.0 wel efficiënt omarmen.’

 

 

Reageer op dit artikel